Leden De Ronde Vener enthousiast over workshop blessurepreventie en voeding

TV De Ronde Vener

Het hebben van een blessure staat tweede op de lijst van genoemde redenen om te stoppen met tennis. Natuurlijk kun je altijd blessures oplopen zonder dat je er iets aan kunt doen. Maar in veel gevallen zijn er maatregelen die je kunt ondernemen om de kans op een blessure aanzienlijk kleiner te maken. Ook bij TV De Ronde Vener kampen leden met blessureleed. De clubleiding besloot er werk van te maken en organiseerde een workshop over blessurepreventie en voeding.

Onderbelicht thema

De tennisvereniging uit Mijdrecht was in de gelukkige omstandigheid dat het betrokkenen had met een achtergrond op dit gebied. Zo is een van de leden fysiotherapeut en heeft een leraar van de samenwerkende tennisschool CTO diploma’s als gewichtsconsulent. “De fysiotherapeut hoorde van de klachten van enkele leden en was bereid om een workshop te geven over veelvoorkomende blessures in de tennissport en wat je ertegen kunt doen”, vertelt voorzitter Gerben Dijkstra. “We besloten met het onderwerp aan de slag te gaan. Binnen de club merkten we dat het een onderbelicht thema was. Direct werd geopperd om de leraar van de tennisschool als voedingsdeskundige erbij te vragen, zodat we een interessante en gevarieerde workshop konden aanbieden aan onze leden. Wij beseffen ons dat er meer gedaan moet worden dan alleen ervoor te zorgen dat de banen er goed bij liggen en het kantineassortiment gevuld is.”

Baseline

Zo’n vijfentwintig geïnteresseerden uit verschillende leeftijdsgroepen kwamen af op de workshop. De aanwezigen kregen tips en adviezen om blessures te voorkomen. In sommige gevallen werd de situatie verduidelijkt met een praktische oefening ter plekke. “Ik merkte dat het publiek echt wat had aan de tips”, beweert Dijkstra. “Een voorbeeld was de warming-up. Vaak gaan tennissers de baan op en beginnen direct vanaf de baseline ballen te slaan. Je lichaam is er nog niet aan toe om direct veel kracht te gebruiken, waardoor je blessures kunt oplopen. In plaats daarvan kunnen beide spelers beter iets naar voren komen en rustig aan wat ballen overslaan. Daarna ga je stap voor stap naar achter.”

Ook de voedingstips werden enthousiast ontvangen. Dijkstra: “Veel informatie weet men natuurlijk al door logisch na te denken. Maar het is goed om even met je neus op de feiten gedrukt te worden. Er werd onder andere verteld welke voeding het beste is om voor een training of rondom een wedstrijd te nemen. Veel nuttige tips waar de aanwezigen enthousiast op reageerden.”

Samenwerken

Dijkstra ziet een vervolgsessie dan ook zeker zitten. “Het is natuurlijk moeilijk in te schatten of de workshops ook daadwerkelijk zorgen voor een daling van het aantal blessures en het aantal leden dat stopt. Maar op deze manier laat je zien dat je een proactieve houding hebt tegenover je leden en dat waarderen zij. En de positieve reacties geven aan dat de presentaties goed ontvangen zijn.” Dijkstra vervolgt: “Je kunt er als vereniging ook over nadenken om samen te gaan werken met een fysiopraktijk of een sportschool, maar tennissers moeten ook de ruimte hebben om zelf te bepalen waar zij hun blessure laten behandelen. Wel kun je als tennisvereniging altijd een fysiopraktijk uit de buurt benaderen om te vragen wat het vrijblijvend voor de club kan betekenen. Voor hen is het ook aantrekkelijk om zichtbaar te zijn onder de leden van je vereniging.”