Vijftig onderbouw-tennisscholen praten met KNLTB over potentieel partnership

Begin mei zette de KNLTB een belangrijke stap op weg naar herstructurering van de opleiding van Nederlands’ grootste tennistalenten. Toen werden zes bovenbouw-tennisscholen gepresenteerd die straks onder supervisie van de KNLTB talenten boven de twaalf jaar gaan begeleiden. Nu moet het netwerk zoals de bond dat voor ogen heeft, worden gecompleteerd door onderbouwscholen. Vijftig potentiële onderbouwscholen werden de afgelopen weken tijdens vijf regionale bijeenkomsten nader geïnformeerd over de plannen.

De onderbouwscholen vulden al een entreetoets in op basis waarvan een eerste schifting werd gemaakt. Met die toets gaven zij meer informatie over het niveau van hun spelers, de kwaliteiten van de trainers, het trainings- en wedstrijdaanbod, de accommodatie en de bereidheid tot samenwerking, zowel met de KNLTB als met andere scholen en dan in het bijzonder de bovenbouwschool in hun regio. Tijdens de regionale bijeenkomsten werden al deze punten nog eens aangestipt door de KNLTB, vertegenwoordigd door Prestatiemanager Alex Reijnders en Directeur Sportief Jan Siemerink.

Topsportcultuur

“Wij stellen bijvoorbeeld specifieke eisen aan de trainers”, legt Reijnders uit. “Niet elke trainer is geschikt om voor een groep kinderen tot 12 jaar te staan. De trainer moet daar bepaalde kwaliteiten voor hebben. En als die trainer geschikt is, willen wij ook dat hij of zij minimaal zeventig procent van de trainingen zelf verzorgt.” En ook iets als het wedstrijdaanbod moet aan bepaalde eisen voldoen. “Want trainen is belangrijk, maar het is geen doel op zich, uiteindelijk gaat het om de prestaties in wedstrijden. De training- en wedstrijdprogramma’s moeten dus goed op elkaar aansluiten.“

Tijdens de bijeenkomsten benadrukte Jan Siemerink nog eens dat de KNLTB de ambitie heeft om Nederland weer terug te brengen naar de toptien tennislanden van de wereld. Het is een grote ambitie die alleen gerealiseerd kan worden binnen een echte topsportcultuur. In dat opzicht wordt er ook van de onderbouwscholen het nodige verwacht. Reijnders: “We zoeken een bepaalde mentaliteit en die moet al jong worden bijgebracht. Het kan hem zitten in dingen zoals je houden aan gemaakte afspraken, op tijd op de trainingen komen, de bereidheid hebben om hard te willen werken, discipline en omgaan met tegenslagen. Van trainers wordt verwacht dat zij hier een bijdrage aan leveren en de basis leggen voor zelfwerkzaamheid.”

‘Route naar de Top’


Scholen die straks onderdeel zijn van het netwerk, gaan allemaal werken met het Meerjaren Opleidingsplan Tennis (MOT), gevat in het boek ‘Route Naar de Top’. Ook dit plan kwam uitgebreid aan de orde tijdens de regionale bijeenkomsten van onderbouwscholen. Mede op basis van werkwijzen in succesvolle tennislanden, zoals België, Canada, Zwitserland en Australië biedt het plan zowel op technisch, tactisch, mentaal als fysiek vlak concrete handvatten om invulling te geven aan de opleidingsvisie. “Het is eigenlijk een beknopt boek waarin staat beschreven hoe er het beste getraind kan worden”, stelt Reijnders. “Op welke leeftijd pas je bepaalde oefenstof toe, hoeveel trainingsuren plan je, welke competenties komen wanneer aan de orde. Belangrijk hierbij is het onderscheid tussen de kalenderleeftijd en de biologische leeftijd. Het heet ‘Route Naar de Top’ en dat moet het voor talenten ook echt zijn.”

Positief

Bij de selectie van onderbouwscholen tot nu toe was onafhankelijk adviesbureau NMC Bright nauw betrokken. In juli beslist zowel de tennisschool als de selectiecommissie van de KNLTB of er een samenwerking komt.  Als beide positief zijn, kunnen de partijen een partnerovereenkomst ondertekenen, waarna na publiekelijke bekendmaking van de vastgelegde scholen in augustus het gehele netwerk in september operationeel moet zijn. Twee onderbouw tennisscholen die ook na de regionale bijeenkomsten zeer positief staan tegenover samenwerking met de KNLTB, zijn Tennisteam het Noorden uit Groningen en Friesland en de Tennis Academy Effort uit het Gelderse Eibergen. “Op een ontwikkeling als deze was ik al een tijdje aan het wachten”, zegt Frans Wouters van TTHN over het netwerk van gecertificeerde tennisscholen. “De rol van de KNLTB wordt anders en dat zal voor alle partijen best wennen zijn, maar ik ben heel positief over de plannen. Zeker in het noorden is meer structuur nodig. Goede training onder regie van de bond, kritisch beoordelen van wie goed genoeg is voor een bepaald niveau en wie niet, daar kan hier in het noorden nog best iets aan verbeteren.”

Een stap extra

Loet Baard, trainer en oprichter van Tennis Academy Effort, is eveneens enthousiast. “Ik kijk ook met een goed gevoel terug op de regiobijeenkomst waarbij ik aanwezig was. In onze bijeenkomst voelde je dat er een duidelijke ‘vibe’ was om met elkaar samen te werken in het belang van het Nederlandse tennis. Bovendien hebben wij ook vrij goed contact met Approach, de bovenbouwschool in onze regio. Samenwerking moet echt het credo zijn om het Nederlandse tennisniveau naar een hoger plan te tillen.” Ook Baard ziet concrete voordelen in het netwerk van scholen zoals het nu vorm krijgt. “Wat tennis betreft zitten wij in een vrij dunbevolkt deel van Nederland. Dan is elke vorm van professionalisering heel belangrijk. Ook in deze regio moeten we kwalitatief goede trainingen kunnen blijven aanbieden, zonder dat mensen moeten wegtrekken.” Baard erkent verder dat de scholen die de samenwerking met de KNLTB aangaan, serieus aan de slag moeten. “Er wordt iets van ons verwacht. We moeten niet achterover leunen, we moeten bereid zijn een stap extra te zetten.”